Blog

Bovenleiding meten

Deze week rijden we voor het eerst met 200 km/h over de Hanzelijn. Met ICE 4610 die speciaal voor dat doel gehuurd is van DB. De proeven omvatten het ERTMS systeem, maar ook het gedrag van de stroomafnemer en de bovenleiding, de communicatie via GSM-R en de treindetectie worden in de gaten gehouden. Daarnaast meten we nog aan de drukgolf in de Tunnel Drontermeer en aan d trillingen in het baanlichaam. Allemaal systemen die in Nederland nog niet eerder met die snelheid op een conventionele lijn zijn beproefd. Tijdens deze ritten wordt de snelheid steden stappen verhoogd, van 140 via 160 en 180 naar 200 km/h. Zelf zat ik in de trein die op 6 juni om 18:30 vertrok van Almere Oostvaarders, om op snelheid, dwz met 140 km/h door Lelystad te kunnen rijden. Alweer en primeur, en daarom met bewaking en extra omroepberichten op de perrons, want daar zijn de reizigers mogelijk nog niet op bedacht. Eigenlijk is het opvallend hoe onopvallend het rijden met die snelheid is. De baan ligt er strak bij en zodra je bij Lelystad van het bestaande spoor de Hanzelijn oprijdt merk je dat aan de rustige loop van de trein. In deze periode is ook de opleiding en het wegleren van de machinisten begonnen die straks de reizigersdienst op de Hanzelijn zullen rijden. Alleen rijden die met stelletjes mat '64 wat langzamer dan wij dat nu doen. Twee weken geleden reden we met een VIRM, de standaard intercity dubbeldekker van NS ook al proef. Toen maximaal 171 km/h harder kon hij echt niet en hierna rijdt ook die weer gewoon max. 140 over de lijn.

De metingen die we doen zijn voor het grootste deel bedoeld om de dossiers voor de bewijzen van veiligheid en de Europese certificeringen rond te krijgen.

GRS treindetectie bijv is nog niet eerder vrijgegeven voor snelheden hoger dan 140. We moeten dus in de praktijk verifiŽren dat die goed blijven werken. Tijdens de meetriten wordt in een speciale meetsectie hun gedrag gevolgd. Als dat allemaal goed gaat blijven we ze nog een paar jaar bewaken.

Voor de bovenleiding meten we de opdruk en de vonkvorming bij het passeren van de stroomafnemer. Twee criteria voor de kwaliteit van de samenwerking van die twee.

Voor ETCS en GSM-R gaat het om de afnamekeuring en een, weliswaar beperkte, duurproef. Domweg omdat het eerder nog niet lukte om aan het geschikte materieel te komen. Ons meetprogramma is onderdeel van de integratietesten van ProRail en NS waar we kijken of alle procedures werken en of de mensen om kunnen gaan met de techniek op de lijn.†

In de tunnel meten we aan de drukgolven bij het passeren vanonder trein. Een belangrijk criterium voor het comfort van de passagiers, maar ook om te bepalen of de belasting op de constructies, denk aan de ophanging van de tunnelventilatoren, niet te hoog wordt. En bij de trillingsmetingen in de baan gaat het om de stabiliteit van het baanlichaam bij de maximum snelheid.

Tijdens de ritten met gasten maken we op de terugweg een tussenstop op station Dronten. De eerste en laatste keer dat daar volgens dienstregeling een ICE halteert waarschijnlijk. †

Over elk van deze metingen zou een technisch artikel te schrijven zijn, en wellicht doen we dat ook nog wel eens.

© Wim Coenraad 2019